Sterren zondag 26 juni 2011
Rijdend door dit land besef ik dat het meer en meer naar thuis smaakt. Westers gekruid met een exotische uitstraling en als dessert een zoete werveling van smaken en indrukken op je geest.
Het landschap lijkt niet meer zo vreemd, het waarom en hoe geraakt ingevuld. Prachtige eucalyptus bossen worden afgewisseld met dennen. Uitgestrekte rotsige omgevingen dringen zich op, gedragen door heuvels en bergen, komen ze rechtstreeks uit een fantastische film.
Kleine, half in een berg genestelde huisjes lijken elk moment bedolven te worden onder massieve grote rotsblokken. De tientallen tonnen zware gesteenten hebben maar een zetje nodig om de uit graniet vervaardigde stulpjes te pletten. Het leven op de rand van afgronden hobbelt gewoon verder, maar wat een uitzicht.
Mensen genieten hier van hun teelt en oogsten, de druif is een voorname aanwinst van elk stukje land. De wijn achteraf heeft eens zoveel smaak als hij met interesse en liefde is gebrouwen. De olijfboom, een statig symbool brengt niet enkel subsidie van de staat mee, maar ook een soort levenselixir: olijfolie. Ja ja ze gebruiken het hier voor veel dingen niet alleen om te bakken en op salades. Het is zelfs goed voor brandwonden.
Een favoriet van me is de "sobreiro": de eikeboom met zijn mantel van kurk. Wanneer er voldoende op je land staan, kan het een inkomen zijn. Om de negen jaar wordt de schors rondom gevild tot de eerste takken. De enigste bomen ,bij mijn weten, die zoiets overleven. Vijftien jaar na het planten heb je je eerste oogst, ze groeien traag uit tot mastodonten, prachtig en sierlijk in aanblik.
Verder tuffend met onze portugese auto, mijmer ik over de variëteit van dit land. Het symboliseert de verscheidenheid van mensen die we op ons pad ontmoeten. Kleine lichtpunten in donkere tijden. Heldere sterren aan de rand van het gekende. Een ontmoeting met een vriend van een vriend lijdt ons naar de afgronden van een stad. Op de ruines van een tempeliers vesting bouwt hij aan een thuis. Onder bescherming van de oude geesten begaven we ons op het geitenpad, in de diepte naar zijn domein.
Daar stond ik, op de helling van de beschaving met zijn immense uitzicht en eeuwenoude atmosfeer, verbluft van de enorme kracht van deze jongeman. Zijn moed en durf overtreffen duizendmaal die van zijn leeftijdgenoten in de moderne samenleving. Niet mis te verstaan dat een weg zoeken in een harde maatschappij van carriere maken en status vergaren gemakkelijk is. Maar deze pionier heeft een sprankje van het licht in zich dat we duizenden jaren geleden ervaarde. Geen structuren rondom die het hem gemakkelijk maken. Het geitenpad, steil opwaarts met daarna een aantal kilometers een pre-romeinse weg, ademt de sfeer van oude mythes en sprookjes uit maar zijn evenzeer moeilijk toegankelijk.
Het zware leven maar vooral de intense verbinding die hij met zijn omgeving heeft, geeft hem een innerlijke kracht die rust uitstraalt.
Zo is hij een ster aan het prachtige nachtelijke firnament van Portugal. Anderen die we ontdekken tijdens onze reis door dit stukje universum schijnen soortgelijk of met een pracht van veel kleuren. Grootgrondbezitters die een vredevolle gemeenschap willen oprichten of eenzaten op hun bergflanken, allemaal verrichten ze heldendaden. Allemaal voelen ze het keren van het tij.
Het borrelen onder de motorkap geeft aan dat hij weer te heet staat, het wijzertje staat over de helft. De auto kreunt op de stoffige weg onder de medogenloze zon. Na vijf minuten bereiken we ons land. De houten barak, de caravan onder het dak met daarvoor een ruine, het meertje in de verte omgeven door wilg en waterplanten. Tussen heuvels en bergen, eucalyptusbos en schapenhoeders en soms enerverend hondengeblaf,...
Is dit mijn thuis...
Het eiland 29 januari 2011
Golven die zachtjes uitdijen op een parelwit strand, prachtige palmbomen wuiven ze na. De meeuwen, dansend met het zachte briesje, lachen om de pracht. Een warme zon legt er een gouden laken over.
Dat was mijn beeld, van een eiland, als je het me een aantal weken geleden zou vragen. Tja, een mens mag al eens dromen.
Het eiland waarop we hier in Portugal waren terechtgekomen is lichtjes anders.
Aangetrokken door zijn mooie verhalen met verhulde gevaren, kwamen we in de buurt van Vince zijn land. Het afspraakpunt was een rond punt, het enige in de omgeving.
Op de ontmoetingplaats aangekomen, voelde ik de zorgen van me afglijden. De reis was niets meer dan een donkere wolk die voorbijgleed. Bijna vergeten. We waren er geraakt.
Na nog een telefoontje, was hij daar. Het kleine wagentje kwam de bergflank opgereden. Een bruingebrand gezicht achter het stuur heette ons welkom. Opgelucht en met spreekwoordelijke tranen in mijn ogen drukte ik zijn hand, “we zijn er geraakt”. “Nog niet” is het antwoord formeel.
Een paar zinnen verder zakte mijn moed letterlijk in mijn schoenen.
Het bleek dat de weg naar zijn land een oude Romeinse weg was. “Niet erg” dacht ik nog eerst, die Romeinen waren tenslotte toch wel straffe kerels.
Maar ja. Een weg, zelfs een Romeinse, die niet onderhouden wordt, raakt in verval. En deze had al , in zijn tweeduizendjarig bestaan wat te verduren gehad.
Scherpe bochten, steile en diepe hellingen maakten het tot een waarachtige nachtmerrie. Twee-maal heeft het kleine wagentje van Vince, onze auto en de caravan moeten bijstaan. Éénmaal zaten we vast,met de caravan, in een scherpe bocht op een helling. De uitdrukking "zweet, tranen en bloed" was hier van toepassing. Wanneer we uiteindelijk na een helse dertig minuten op het terrein arriveerden, knikten mijn knieën.
Is dit een eiland; met deze gegevens nog niet. Met het volgende wel: 1. De terugweg met de caravan was onmogelijk met mijn auto – het grootste gedeelte was opwaarts en in zand. 2. Als het regende – de eerste week na onze aankomst zou het constant regenen – kon je niet meer weg met de auto, de oorzaak was natuurlijk het zand en bergop. En om het plaatje compleet te maken, een tractor verwoeste stelselmatig het hele pad, dag na dag. We wisten dat het niet meer lang zou duren of het pad was, zelfs met droog weer, niet meer berijdbaar.
Ons eiland was niet omringd met prachtig blauw water maar een bijna ondoordringbare groene, op een bergflank gelegen wildernis. Ons ijzeren paard, het vervoermiddel van de 21ste eeuw moest het opgeven tegen deze beproeving van moeder aarde.
Moeder aarde werkte niet alleen, de weergoden hielpen haar.
Ach het hoort allemaal bij het avontuur dat we opzoeken, het leven dat we willen aangaan. Het geluk, lachte ons toen niet toe. Onze gastheren ook niet. Er waren kleine lichtpuntjes, maar het thuisgevoel kwam pas later.
Het snaveltje gaat weer toe, de oogjes sevves, na een glaasje wijn. De mensen waar we nu verblijven hebben trouwens de heerlijkste, zelfgebrouwen wijn. PROOST.....
De heldentocht naar Portugal, december 2010
De definitie van een heldentocht, heldensaga of eender welk sterk heldhaftig verhaal is vrij simpel.... gewoon alles laten tegenslagen. De weergoden mogen niet meewerken en de weg mag niet te duidelijk zijn. Honger en fysieke uitputting moeten meezingen en ziekte moet voor een keerpunt zorgen zodat de helden tot aan hun innerlijke grenzen worden getest. Nieuwe inzichten vormen gewichten voor de weegschaal van de ziel.
Was het zo'n heldentocht? Zwaar was het wel en zeker gespijsd met dezelfde ingrediënten als in vele saga. Er waren momenten dat ik wou terugdraaien, zelfs naar België waar het leven niet mooier,wel gemakkelijker was en veiliger.
Veiligheid, een mentale muur waar ik ben overgeklommen. De veiligheid van een veeleisend systeem met zijn ziekteverzekeringen, hospitalen en apothekers op iedere hoek van de straat. Een kind dat ziek valt en je machteloos ,op het eerste zicht zonder hulp, moet toezien ; doet je beven tot in de grondvesten van je ziel.
Maar, zoals we hebben kunnen ontdekken, het leven biedt meerdere oplossingen. Als je de juiste weg maar durft te nemen en dat is zeker niet altijd de duidelijkste.
De weg die wij hebben gekozen is zeker niet de gemakkelijkste. Maar voor ons de juiste. Daar ben ik zeker van. We ontmoeten hier bijna elke dag mensen die ons op het juiste moment helpen of we leren weer andere mensen kennen die ons een richting geven. Mensen die je na één dag al vrienden kan noemen en je lijken te doorgronden, meer dan anderen die je al veel langer kent.
Ik denk dat we hier allemaal één iets gemeen hebben, en dat is dat we een nieuw leven willen opbouwen. De één al wat meer uit het systeem dan de andere. Off-Gridd noemen de engelsen het hier, we ontmoeten er hier die helemaal onderduiken in de natuur en waar geen enkel systeem nog vat op heeft. Anderen staan er nog met één been in om diverse redenen. Ik weet nog niet zeker hoe het met ons zal vergaan, wat we gaan doen. Je helemaal afsnijden van het systeem brengt ons terug naar veiligheid, de vangnetten die gemakkelijk en zichtbaar zijn, vallen dan weg.
Er zijn er die ons, een beetje bewonderend vanuit hun zetel, moedig vinden. Het onmetelijk heldhaftig vinden dat we alles verkocht hebben en met twee poezen, twee honden, twee volwassenen en een wolk van een baby op weg zijn naar een nieuw bestaan, pionierswerk in een voor ons onbekend land van meteologische hoogtes en laagtes.
Anderen halen hun neus op omdat we de risico's nemen met een minimum aan vangnetten en nog andere omdat we niet "echt" werken en niet echt bijdragen aan het mismaakte veiligheidgevoel van een overbevolkte materialistische maatschappij.
We werken niet, zoals zo velen van 9 tot 5 voor een baas om alle luxe te blijven behouden, maar aan het dagelijkse onzekere pad van ons eigen leven. Zeker hebben we vele dagen van groot plezier- zo zou het leven dat ons is gegeven moeten zijn- maar we hebben dagen dat we moeten volharden en dieper moeten gaan dan ooit tevoren.
Momenteel hebben we even wat rust en huren we een kleine cottage van een engels ouder koppel. Ze leven hier al 15jaar en zijn net als ons met niet veel begonnen. We vieren hier onze kerst en nieuwjaar, gelukkiger als ooit tevoren met een hoop nieuwe kennisen en gedreven plannen.
Een nieuw land verkennend met prachtige natuur waar het leven niet berekend wordt met hoe groot je portefeuille is.
Zo slaap lekker allemaal, oogjes dicht, snaveltjes toe en....
Durf te leven mensen
Mijmeringen, november 2010
Knetterend vuur, de zoete geur van verbrand hout. Een vaal licht schijnt op mijn klavier. Buiten beukt de wind tegen ons huis de stormregen opjaagend door de vallei. Een warme kop thee met een lekker koekje zo zweven mijn gedachten terug naar een turbulente week.
Een Snatch-moment is een nieuwe term in ons gezinneke. Heb je de film Snatch gezien? Ja, dan weet je wat er gebeurd als je een caravan van zigeuners koopt. Je wordt gegarandeerd gefopt, int zak gezet of gewoonweg bedrogen. In ons geval bracht de jacht op een caravan ons niet bij de zigeuners, maar wel bij de "Franse Flodders".
We hadden het bijna opgegeven maar daar was er eindelijk ene ; een caravan met een afsluitbare, aparte slaapplaats voor ons alledrie. Het was wel twee en een half uur rijden maar dat waren we intussentijd al gewoon. We hadden met onze zoektocht al heel de Lorraine, Haut-Saône en Haut-Marne doorkruist. Maar dit was een buitenkansje, ééntje van 800 euro maar. De hele week al knalde we met onze hoofden tegen de prijzen van boven de duizend euro. Caravans die het soms niet waard waren maar meestal gewoonweg niet aan onze eisen voldeden. Den deze was het.
"Een beetje een rare, maar vriendelijk" zei Tina, na haar telefoontje met de eigenaars.
Volgens de gps bestond het huisnummer niet, de straat wel. "Dat zal wel een nieuwe straat zijn" klonk het in koor. De auto starte, de zon scheen troebel door het wolkendek -wat voor ons als bijgelovige mensen een goed teken was- en de gps vertelde ons vrolijk de weg.
Twee en een half uur later, het goed teken was weg; regen regen regen. De nieuwe straat dat was een industrieweg, magzijnen en bedrijven. Mistroostigheid heerste daar.
Daar in de verte zag ik hem, de caravan.
Ken je de nederlandse Flodders hun voortuin? Juist hetzelfde. Tussen de magazijnen en bedrijfsgebouwen, naast de decheterie(=containerpark) daar lag de franse Flodders, hun huis.
Rommel en afval in de voortuin en een autowrak maakte het plaatje kompleet. Maar de caravan zag er mooi uit. Hij was wat groter dan de gemiddelde van 750kg en alles zag er proper uit. Wat een geluk, alle slechte voortekenen waren vergeten.
Na een korte rondleiding door ma Flodder- niet de met overgewicht kampende sigarenrokende vrouw, maar wel een magere wat oudere vrouw, met jogging en krullend nekkapsel, was het snel geklonken.
De handen werden geschud, de deal was rond en een koffie werd aangeboden en daar kwam het; het snatchmoment.
De geur van koffie en sigaretten overheersten de kleine keuken. Een grote tafel stond in het midden en een witte keukenblok in de zijhoek. Pa Flodder zat, met zijn zwarte handen, over mij. Hij lachte vriendelijk joviaal en was grappig. Ma zat wat bedeesd naast hem, de grote broer kwam er met zijn geslepen uiterlijk naastzitten. Het kleine broertje zat achter hem op een kruk, een klein zwaar ventje met zwart vet haar dat plat op zijn schedel gedrukt lag. Met zijn kleine donkere ogen keek hij me indringend aan en lachte dan kort maar vriendelijk. Tina kwam de keuken binnen, ze had William verschoond in de kamer ernaast. Mijn aandacht ging wat meer naar ons klein ventje dat overal met zijn mini-vingertjes wil aankunnen, openmaken of vastnemen.
Uit mijn ooghoek zag ik hem en met één oor hoorde ik dat klein broertje iets zeggen. De hele familie draaide hun hoofden naar dat zwaar ventje en een "SSHHHTT" kwam er uit hun monden. Angstig keken ze naar ons en staken de hoofden bijeen. Feselend vervolgden ze hun conversatie. SNATCH!!!
Een scene van die fantastische film flitse voorbij. Ik zag het helemaal voor mij, de zigeuners die hun hoofden bij elkaar staken om hun slag te slaan. Het slachtoffer dat hulpeloos moet toekijken, een caravan zonder wielen.
Buiten regende het nog harder, de caravan stond al klaar voor de poort. Geen kans om terug te krabbelen, aan het oppervlak leek alles mooi en stevig. Maar was dat ook zo? De lichten werkten, de wielen stonden er nog onder. Misschien werkt zijn rem wel niet, dat kon ik zo niet nakijken... Twee uur en een half rijden, halen we het tot thuis?
Knetterend vuur, de zoete geur van verbrand hout hangt er nog steeds. Een vaal licht schijnt op mijn klavier. Buiten beukt de wind tegen ons huis maar ook tegen de caravan.
Vandaag denk ik met een glimlach terug aan dat moment en die lange tocht naar huis. Zijn we gefopt int zak gezet of gewoonweg bedrogen? Na vijf minuten rijden viel de linkerkant van de lichten uit, de rem deed een beetje raar maar werkte en ik kon hier thuis hem niet achterwaarts parkeren, dan blokkeerde alles.( mijn eigen fout, ik moest blijkbaar een klepje inschuiven zodat de rem van de caravan niet opspringt).
Kleine gebreken zijn er wel maar we hebben een mooie, ruime en praktische caravan voor weinig geld en met een leuk aankoopverhaal erbij.
Gisteren heb ik er een voorraad hoek in geplaatst van een oude kast en morgen isoleer ik de vloer en leg er een laminaat vloer in, we hadden die nog liggen.
Zo slaap lekker allemaal, oogjes dicht, snaveltjes toe en....
....durf te dromen.....
Geen opmerkingen:
Een reactie posten